Arbowet wijzigingen 2026: werknemers raadplegen wordt verplicht

Vanaf 1 juli 2026 moet je als werkgever aantoonbaar laten zien dat werknemers worden betrokken bij het arbobeleid. Dat geldt onder andere voor onderwerpen als de RI&E, BHV, voorlichting, deskundige ondersteuning en maatregelen rondom psychosociale arbeidsbelasting. Dat blijkt uit het officiële nieuwsbericht van Arboportaal.

De eerder verwachte wettelijke verplichting voor een gedragscode ongewenst gedrag gaat op dit moment niet door. Toch blijft PSA-beleid verplicht. De Nederlandse Arbeidsinspectie kan ingrijpen wanneer je onvoldoende doet tegen werkdruk, ongewenst gedrag of andere PSA-risico’s.

Daarom is dit een logisch moment om je arbobeleid, RI&E en PSA-aanpak opnieuw te beoordelen. Wat verandert er precies per 1 juli 2026 en hoe zorg je dat jouw organisatie goed voorbereid is?

Voor wie gelden de nieuwe regels?

De aangepaste regels gelden voor alle werkgevers. Dus niet alleen voor grote organisaties, maar ook voor kleinere bedrijven.

Heeft je organisatie een ondernemingsraad (OR) of personeelsvertegenwoordiging (PVT)? Dan loopt de raadpleging meestal via deze vertegenwoordiging. Is er geen OR of PVT aanwezig, bijvoorbeeld bij organisaties met minder dan 10 werknemers? Dan moet je de betrokken werknemers rechtstreeks raadplegen.

Kort gezegd: iedere werkgever moet kunnen aantonen dat werknemers zijn betrokken bij het arbobeleid. Niet alleen door beleid te delen, maar ook door medewerkers actief om input te vragen.

Wat verandert er precies per 1 juli 2026?

Door de wijziging van artikel 12 van de Arbowet wordt duidelijker vastgelegd dat werknemers moeten worden geraadpleegd over onderwerpen die invloed hebben op gezond en veilig werken. Daarmee krijgt werknemersbetrokkenheid een veel stevigere plek binnen het arbobeleid.

1. Werknemers moeten actief worden geraadpleegd

Werkgevers moeten werknemers betrekken bij het arbobeleid. Dat betekent dat je niet alleen beleid opstelt en dit vervolgens top-down communiceert, maar medewerkers ook de kans geeft om mee te denken, voorstellen te doen en advies te geven.

Dat is vooral belangrijk omdat werknemers dagelijks ervaren waar risico’s zitten. Denk aan werkdruk, onduidelijke processen, onveilige situaties, ongewenst gedrag of knelpunten in samenwerking.

2. De raadpleging geldt voor concrete arbo-onderwerpen

De wet benoemt specifiek over welke onderwerpen werknemers in ieder geval geraadpleegd moeten worden. Het gaat onder andere om:

  • de inrichting van de bedrijfshulpverlening;
  • de risico-inventarisatie en -evaluatie;
  • deskundige bijstand;
  • aanvullende deskundige ondersteuning;
  • de arbodienst;
  • voorlichting over werkzaamheden en bijbehorende risico’s.

Daarmee wordt het arbobeleid minder vrijblijvend. Je moet als werkgever niet alleen beleid hebben, maar ook kunnen onderbouwen hoe medewerkers hierbij zijn betrokken.

3. De Arbeidsinspectie krijgt meer mogelijkheden om te handhaven

De Nederlandse Arbeidsinspectie krijgt door de wijziging meer mogelijkheden om toezicht te houden en handhavend op te treden wanneer werkgevers werknemers onvoldoende betrekken bij het arbobeleid.

Dat maakt documentatie belangrijker. Kun je aantonen wanneer werknemers zijn geraadpleegd? Welke input is opgehaald? Wat is daarmee gedaan? En hoe is dit verwerkt in je RI&E, plan van aanpak of PSA-beleid?

Wat betekent dit voor PSA en sociale veiligheid?

Psychosociale arbeidsbelasting blijft een belangrijk onderdeel van de Arbowet. Onder PSA vallen onder andere werkdruk, agressie, geweld, discriminatie, pesten en seksuele intimidatie. Als werkgever ben je verplicht om beleid te voeren om deze risico’s zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken.

De gedragscode ongewenst gedrag wordt dus niet wettelijk verplicht, maar blijft wel een sterk instrument. Zeker wanneer je serieus werk wilt maken van sociale veiligheid. Een goede gedragscode maakt concreet welk gedrag wel en niet acceptabel is, waar medewerkers terechtkunnen en welke stappen worden gezet bij meldingen.

Hetzelfde geldt voor een vertrouwenspersoon en klachtenprocedure. Door ook deze onderdelen goed neer te zetten zorg je voor een goed Arbobeleid en bescherm je je medewerkers en bedrijf tegen uitval en hoge verzuimkosten.

Wat moet je als werkgever nu op orde hebben?

Met de nieuwe regels wordt het belangrijker om je arbobeleid aantoonbaar, praktisch en gedragen te maken. Focus daarom op deze onderdelen:

1. Actualiseer je RI&E en plan van aanpak

De RI&E blijft de basis. Hierin leg je vast welke risico’s er zijn binnen jouw organisatie, waaronder PSA-risico’s zoals werkdruk en ongewenst gedrag. Vervolgens vertaal je deze risico’s naar concrete maatregelen in het plan van aanpak.

Zorg dat je medewerkers actief betrekt bij dit proces. Niet alleen via een standaardvragenlijst, maar ook door goed door te vragen naar wat er écht speelt op de werkvloer.

2. Leg vast hoe werknemers worden geraadpleegd

Maak concreet hoe werknemers invloed kunnen uitoefenen op het arbobeleid. Denk aan gesprekken, werksessies, enquêtes, OR-overleggen, teamoverleggen of periodieke evaluaties.

Belangrijk is dat je dit ook vastlegt. Niet omdat papier belangrijker is dan praktijk, maar omdat je bij controle moet kunnen aantonen dat werknemers daadwerkelijk zijn betrokken.

3. Maak PSA bespreekbaar

Werkdruk en ongewenst gedrag blijven vaak onder de oppervlakte. Juist daarom is het belangrijk om hier actief op te sturen. Een PSA-onderzoek of nulmeting helpt om zichtbaar te maken waar spanning, onveiligheid of overbelasting ontstaat.

Daarmee voorkom je dat beleid gebaseerd is op aannames. Je krijgt inzicht in de echte bedrijfscultuur en kunt maatregelen nemen die passen bij jouw organisatie.

4. Werk met duidelijke gedragsregels

Ook zonder wettelijke verplichting is een gedragscode ongewenst gedrag verstandig. Niet als standaarddocument dat ergens op intranet staat, maar als praktisch kader dat medewerkers herkennen en begrijpen.

Een goede gedragscode beschrijft onder andere:

  • welk gedrag wel en niet acceptabel is;
  • waar medewerkers terechtkunnen met vragen of meldingen;
  • welke rol leidinggevenden hebben;
  • welke stappen worden gezet bij ongewenst gedrag;
  • hoe de organisatie zorgt voor opvolging en bescherming.

Hier lees je meer over het opstellen van een gedragscode.

5. Zorg voor een laagdrempelige meldroute

Medewerkers moeten weten waar ze terechtkunnen als er iets speelt. Een vertrouwenspersoon kan hierin een belangrijke rol spelen. Zeker wanneer de drempel naar een leidinggevende of HR te hoog is.

Een interne vertrouwenspersoon kan werken, maar bij gevoelige situaties is onafhankelijkheid cruciaal. Daarom kiezen veel organisaties voor een externe vertrouwenspersoon. Dat vergroot het vertrouwen en verlaagt de drempel om op tijd aan de bel te trekken.

Lees hier meer over een vertrouwenspersoon.

Wat zijn de risico’s als je niets doet?

Wie arbobeleid ziet als een map met documenten, loopt achter de feiten aan. Vanaf 1 juli 2026 wordt nog belangrijker dat werknemers aantoonbaar betrokken zijn bij beleid rondom gezond en veilig werken.

Doe je dat niet, dan loop je risico op handhaving door de Nederlandse Arbeidsinspectie. Daarnaast sta je zwakker bij arbeidsconflicten, verzuim door werkdruk of meldingen van ongewenst gedrag.

Maar het grootste risico zit vaak eerder in de organisatie zelf: onduidelijkheid, wantrouwen, verzuim en een cultuur waarin problemen te laat worden uitgesproken. Zie het daarom niet als een ‘moetje’ maar een kans om de vitaliteit op de werkvloer te verzekeren. 

Wat kun je nu al doen?

Wacht niet tot 1 juli 2026. Gebruik de komende periode om je beleid scherp te trekken en je organisatie praktisch voor te bereiden.

Wij raden je aan om te starten met twee acties:

Test je huidige beleid: Gebruik onze gratis PSA quick scan om snel te ontdekken waar jouw organisatie nu staat. Zo zie je direct of je basis op orde is en welke onderdelen aandacht nodig hebben.

Doe een nulmeting: Wil je weten hoe het écht gesteld is met werkdruk, sociale veiligheid en ongewenst gedrag binnen je organisatie? Met een objectief PSA-onderzoek haal je boven water wat medewerkers ervaren en waar risico’s zitten.

Zo maak je van arbobeleid geen papieren verplichting, maar een concreet stuurmiddel voor een veiligere, gezondere en sterkere organisatie.

Benieuwd naar de mogelijkheden voor jouw organisatie? Neem contact met ons op, we denken graag vrijblijvend met je mee!

Kennismaken met Vital Solutions

Wil je aan de slag met vitaliteit en werkgeluk? Wij zijn gespecialiseerd in vitaliteitstrajecten voor bedrijven. Neem vrijblijvend contact met ons op over organisatie vitaliteit.

Neem vrijblijvend contact met ons op

Schakel JavaScript in je browser in om dit formulier in te vullen.